jump to navigation

WC-papier June 10, 2007

Posted by ideeflux in : Een nieuw Begin, +++ , trackback

WC-papier

Eerst een hele tijd niets.
Niets!
Hmmm.
Lege ruimte, onbenoemde ruimte. Veelheid van leegte.
Zo gezond, zo uitnodigend. Zo ledigend van nood.

Hoe bevredigend is het niet om naar de WC te gaan als je nodig moet?
Wegdoen van teveel.
Om misschien wel dezelfde reden is Niets zo geweldig.
Omdat we daar het teveel aan kunnen wegdoen.
Ons mestoverschot, onze boterberg.

Omdat het niets zo oneindig groot is, kunnen we er alles in kwijt. We kunnen er helemaal ín duiken, in oplossen, ons schoonwassen van weten, van denken, van denken te weten, van denken dat we zouden moeten weten.

Het is… genezend, helend, rustgevend.
Niets in de vorm van geluid zou je waarschijnlijk stilte noemen.
Hmm.
Toch verwacht je hier en daar een klein geluid om de afwezigheid ervan waarneembaar, voelbaar te maken.

Niets in de vorm van schrijven is dan natuurlijk een lege pagina, een leeg beeld.
Of toch:
hier
en daar
een
woord
om de afwezigheid van gedachten
de afwezigheid van intelligentie
de afwezigheid van zingeving
de afwezigheid van moedwil
de afwezigheid van ijdelheid
de afwezigheid van de noodzaak om ook maar iets te begrijpen
om die
voelbaar
tastbaar
vreugdevol ontvlambaar

zoals wij een bad nodig hebben om de hitte van het vuur
zo wij woorden om de leegte…

Er was een gebrek aan van alles in het land.
De Prins van Mogelijkheden. Hij, de Majesteit, lag in bed.
Hij was ziek.
Het was gewoon teveel. Het was hem teveel.
Hij moest aan het infuus.
Door het infuus werden er geen stoffen aan zijn lichaam toegediend, nee, ze werden afgetapt.
Hij was speciaal naar het Land van Gebrek gegaan omdat ze daar dit soort handelingen het beste konden verrichten. Het was hun specialiteit.
En hij, de Prins, ervoer het als een weldaad. Hij dankte God op zijn blote knieën.
Zoveel in mij, zoveel begrepen, zoveel onbegrepen, zoveel teloor gegaan, zoveel verwacht, zoveel droom. Droomsoezen. Hij had zich er aan overeten.
Waar hij naar verlangde was
zinneloosheid
zinloosheid
loosheid
ledigheid
verveling

Wanneer was het voor het laatst geweest dat de Prins zich verveeld had?
Hij wist het niet, hij wilde het niet eens weten. Weten?

Een eindeloze zomermiddag. Als een bromvlieg tegen een ruit botsen. Naar buiten willen, naar ruimte, leegte, vrijheid. Die ruimte zien en op weg daar naartoe tegengehouden worden door een onzichtbaar scherm.

Hij had deze zomer al een heleboel vliegen, grotere en kleinere, de weg naar buiten gewezen.
Met lichaamstaal en gedachtekracht.
Dat was natuurlijk een dienst die hij aan zichzelf bewees. Een benauwde of benauwende gedachte loslaten, laten gaan. Laten vliegen.

Al dat papier, die schermen
met letters erop
onrein
bezoedeld
door iemand gebruikt
om er zijn of haar behoefte mee te doen
zijn gedachten aan af te vegen

En wij duiken erop af
is het niet verbazingwekkend
als honden
wij duwen onze neus erin
ontcijferen
de boodschap
de geurvlag

Het raadsel zelf
is te groot
te wijds
te schoon
te eindeloos

Wij draaien het onze rug toe
scharrelen door
de afvalberg van woorden
op zoek naar iets
van onze gading

Dat wil zeggen
iets
dat ons gerust stelt

Comments»

no comments yet - be the first?