De Hoeder van Eigenheid March 7, 2009
Posted by ideeflux in : Dialoog met Zelf, ++ , add a comment
Wat komt er te voorschijn uit deze ontmoeting als ik hem zacht laat zijn?
Uit de harde confrontatie van staal op staal, van snee in vlees, van gelijk op ongelijk kan eigenlijk niets geboren worden, dan een verlangen zulks in het vervolg te vermijden. Gebrek aan raakvlak, aan ontmoeting, aan baarmoeder. Keer ik mijn ervaring de andere wang toe, de zachtere, opdat ik voel naar dat wat mij slaat, mij pijn doet, mij confronteert dan kan de stroom mijn boot keren en word ik mijzelf vruchtbaar.
De groep is niet gevaarlijk.
Ik fluister het mezelf in als een soort bezwering, maar ik kan mijzelf maar moeilijk geloven, mijn wantrouwen is groot. Ik vond een schijnbaar veilige plek hier aan de rand van het geheel, maar ik word blijkbaar gedwongen mij te bewegen. Niets is voor altijd. Het leven dringt door tot in de kleinste holtes, de meest afgesloten schuilhoeken. Zij roken me uit mijn Tora Bora, ze doen mijn ivoren toren een knieval maken.
Door mijn houding bepaal ik de groep, dicteer ik hoe zij is. Niets gevaarlijker dan een groep waarbinnen de groepsdwang zo groot is dat haar leden worden gedwongen hun eigenheid op te geven. En als anderzijds iedereen zich terugtrekt op zijn eigen gelijk is er geen groep meer, geen gezamenlijkheid, geen mogelijkheid tot bevruchting.
Ik heb de neiging me uit de groep terug te trekken. Daar red ik weliswaar mijn schone zelf mee, maar tegelijkertijd laat ik daarmee de groep aan haar lot over en tevens laat ik dan mijzelf in de groep over aan mijn eigen lot. Dan kom ik mijzelf in de groep niet te hulp, wat zowel essentieel is voor mezelf als voor het functioneren van de groep.
Wil ik de groep in mij hoeden, dan moet ik haar de bereidheid ruimte te geven aan mijn eigenheid, mijn eigengereidheid, mijn eigenwijsheid opdringen. Geef mij de ruimte om anders te zijn, om deze te zijn. Geef me de ruimte om er niet bij te horen en er toch bij te horen.
Zo word ik mijn eigen hoeder. De hoeder van eigenheid. En ik word mijn broeders hoeder, mijn broeders broeder. De hoeder van openheid naar anders zijn. Zo word ik open naar anders zijn, naar degene die ik wezen zal, moet, wil.
Ik word weliswaar nooit groter dan het pantoffeldiertje, maar daarentegen ook nooit kleiner dan een vulkaan. Ik trek me naar binnen en stulp me naar buiten in een dans van eigenheid en gedeelde ervaring.
De muziek stopt nooit.
Kalfsvlees February 25, 2009
Posted by ideeflux in : Het Vernietigen, ++ , add a comment
Wat trommelt daar op mij? Wat of wie slaat mij met zijn stok? Is er iets dat wil meebewegen in de diepte, iets dat zich roert? Laat me niet in mijn schulp kruipen. Laat het water stromen, laat het water spreken. Moge ik mijzelf te hulp stromen.
Ik wist niets te zeggen. Ik wist geen antwoord te geven.
Wij zaten rond de tafel en hielden de sociale bal hoog. Een gevaarlijk spelletje. Ik trachtte de kleur van de omgeving aan te nemen, maar dat werd – natuurlijk – niet geaccepteerd. Opeens werd de bal in mijn richting gegooid. Wie ben jij dan wel? Hij zal zich laten zien door de manier waarop hij deze bal opvangt, behendig, vlug, met gevoel voor humor, bedachtzaam, traag, onhandig, het maakt niet uit, als je maar laat zien wie je bent. Een groep laat altijd zijn tanden zien aan degene die onbekend is of zich onbekend houdt. De groep wil weten wat voor vlees het in de kuip heeft. Ze willen van je lever proeven. Dat is misschien weliswaar gerechtvaardigd, maar ik ben er bang van.
Het bleef stil.
Ik liet de bal op de grond vallen, ik wist niets te zeggen.
Na die stilte is het niet meer hetzelfde aan de tafel en zeker niet meer hetzelfde in mij. Ik was van kalfsvlees. Een grote ballon van angst had bezit van mij genomen, mijn benen waren als verlamd, licht, afgesneden van de aarde. Onder aan die ballon van angst hing een klein rood mandje met boosheid.
Na een minuut of vijf, tien, veegde ik wat er van me over was bij elkaar en ging naar bed. De schok zinderde nog na in mijn hele lichaam, ik kon de ware omvang ervan nu pas voelen, nu ik in bed lag. Omdat ik heb geleerd om in zo’n geval goed te zorgen voor dat wat klein is in mij, legde ik hem in zijn huilende naaktheid over mijn borst, tot hij wat tot bedaren kwam.
Dat wat groter was in mij had geen antwoorden, maar het kon – God zij dank – wel in rust aanwezig zijn en blijven bij dat wat in diepste wezen geschokt was.
Nu ben ik in verwachting.
Ik ben in verwachting van wat er uit dit tedere samenzijn geboren gaat worden.
Klus Geklaard February 19, 2009
Posted by ideeflux in : Lieve Gedachten, ++ , add a comment
De kale pagina. Mijn houding daartegenover. Wat tovert zich uit het wit tevoorschijn? Waar komt dat vandaan, wat is de deur waardoor dat komt?
Soms is de titel van een boek genoeg. Ik zie de kaft, lees de titel en voel de inhoud. Misschien niet de exacte inhoud van het boek, maar de inhoud die in mij ontwaakt door het lezen van de titel. De droom van mijn vader.
Buiten is de enthousiaste harteklop van rubber op steen. Ze zijn 4 man sterk en helen de stoeptegels rond een nieuwe parkeermeter aan. Er spreekt saamhorigheid uit. Het delen van vakbekwaamheid. Het samen klaren van de klus.
Ik weet niet of mijn vader er in geslaagd is het beste van hemzelf tot leven te leven. Maar als ik naar hem kijk met mijn innerlijk oog hoef ik me niet meer te beperken tot degene die hij was. Hij was immers ook degene die hij had kunnen zijn en degene die hij in diepste essentie met zich meedroeg. Dat is het zaad dat hij in mij uitgezaaid heeft. De mogelijkheid tot het mooiste van mijzelf uit te groeien. Het eren van de droom van mijn vader is niet zozeer het najagen van een of ander ideaal dat hij gehad mocht hebben. Het gaat eerder om het inwendig openen naar de mogelijkheden die hij – in de al of niet geopende envelop – aan me heeft doorgegeven. Mijzelf ontvouwen naar de best mogelijke versie van mijzelf, wat hetzelfde is als de best mogelijke versie van mijn vader in mij tot wasdom laten komen.
De ander zodanig tegemoet treden, dat de ander in jou tot zijn beste zelf kan ontkiemen. De ander goedgespiegeld aan zichzelf teruggeven. Mijn vader goedgespiegeld aan hemzelf, mijzelf. Ik goedgespiegeld als een lege spiegel.
De motor slaat aan met een daadkrachtige ronk. Klus geklaard. De 4 man rijden weg in een busje en voor de parkeermeter, smetteloos omringd door strakke stoeptegels, staat de eerste klant.
Hoe wij naar de wereld kijken is wie we zijn. Je houding bepaalt wat je uit de witte pagina van het leven tevoorschijn roept als Mozes die met zijn staf op de rots slaat. Steeds weer. Het beloofde land zo dichtbij. Wij maken deel uit van dit grote slaan, dit grote geklop, dit sesam open u. Als met de rubberen hamers op de stoeptegels toveren we steeds iets anders tevoorschijn dan wat we dachten dat we zouden doen. Iets nieuws, iets onverwachts, iets onverwacht groots.
Het Zijnworden February 15, 2009
Posted by ideeflux in : Politiek!, ++ , add a comment
Voor dit waarvan ik nog niet weet wat het worden zal uit het ochtendlijke warme bed geslipt. Ons past enkel bescheidenheid. Wie leeft er door ons?
Het water doorstroomt de bedding. De rivier vormt zichzelf door te stromen. In de bedding staan stenen en stukken hout, die gevormd worden door het stromend water en op hun beurt het stromend water vormgeven.
De rivier slijpt zichzelf van rechtlijnigheid naar weelderige meandervormen. Dan doorbreekt zij haar eigen ondoelmatigheid.
De ongelovige honden! Zij denken er met ons leven vandoor te kunnen gaan. Zij hebben de vette kluif van hun gelijk in hun bek. Hun verstand is scherp als een zwaard. Het maakt geen omwegen. Er zijn geen plekken waar het water stil kan staan, de fijnere kleideeltjes uit kunnen zakken, de wereld beschut, geheimzinnig en vruchtbaar makend.
Vertrouw er maar op dat het woordloze leven sterker is. Dat wat geleefd wordt, dat wat van vlees en bloed is. Dat wat gedacht wordt over is enkel dat wat erover gedacht wordt. Ze mogen het tot wet verheffen, het raakt het leven niet. Onzegbaar dichtbij sluit ik mijn hand over de jouwe. Wij zijn wilde rozen. Op een gegeven moment stoten wij dat wat op ons geënt werd af. Niemand staat over onze naakte hemel dan dat wat ons slijpt, dat wat ons geschikt maakt diegene te zijn die we blijkbaar worden. Ons zijnworden is ons testament van waarheid, niet het verhaal dat we erover vertellen.
Wie mogen dat wat is opschrijven? Elkeen die een pen heeft en woorden. Wie zal gehoord worden? Degene met een luisterend hart.
Niemand kan ons een juk opleggen dat wij onszelf niet aangespen. De poort staat open. Het rivierwater stroomt door de straat. De nieuwe tijd is altijd slechts een strobreed van waar wij zijn. Hoor de ademtocht van dat wat veel groter is. Alles gaat verbazingwekkend snel. Houd je vast, stuur goed, geef je over.
Lichaamstaal February 8, 2009
Posted by ideeflux in : Droom en Werkelijkheid, ++ , add a comment
In het midden van de nacht aan de haring gedacht.
Hoe zij zij aan zij, zichzelf reflecterend in de ander, de grote diepten doorstromend, samen één gedachte vormen die groter is. Met elkaar spreken door te glinsteren van weinig licht. Dan het plotseling gelijktijdig wenden, de scherpe lijnen van de staartvinnen als evenzovele uitroeptekens.
Die koele frisheid in mij. Het is niet zo dat ik uit die grote diepten een gedicht op wil vissen, zoals een delver naar goud de aarde openbreekt en aldoende de schoonheid vernietigt die hij zegt te zoeken. Ik breng het gedicht van mijzelf naar de diepten van de aarde en kus haar daar, diep in mijzelf wakker. Ik kus de diepere cellen in mijzelf wakker.
De oceaan van de nacht is rondom mij. Ik zwem daarin en u ook. Wij reflecteren elkaars lichaam, dat is wat lichaamstaal genoemd wordt. Wij zwemmen langszij. Wij begrijpen zonder woorden.
De zegen van de crisis. Dat dat wat niet meer werkt door de mand mag vallen. Dat we op zoek gaan om het anders te doen. Dat wat zich hoog boven ons opsloot van zijn toren moge vallen. Dat dat alles in het water valt. Dat wij voer voor vissen worden. Dat wij uiteindelijk weer eens aan de beurt zijn voor onze portie lijden. Dat wij de dieren vrijlaten uit hun gevangenissen, dat wij ze om vergiffenis vragen. Dat de kip in ons, het varken, het kalf, zich kunnen oprichten.
Dat wij weer opzoek gaan in versheid, ongebondenheid, altijd nieuwheid, onaangedaanheid. De haring laten zwemmen in ruim water. Gedachten zich oningeblikt laten laven aan de bron. We hoeven de gezamenlijkheid niet af te dwingen want wij zijn al samen. Vang het weinige licht op dat wij in dit duister refecteren. Laat wat we niet weten onze leidraad zijn. Vervel, wees nieuw! Wees neus van haring.
Herstel het oude niet.
Bericht van Vriend December 6, 2008
Posted by ideeflux in : Dialoog met Zelf, ++ , add a comment
Ik kom zomaar even onverwachts voorbij. Als bij een oude vriend.
Ik zoek naar de sleutel om de deur te openen. Ik kan de sleutel niet vinden en er is geen bel en dus bonk ik op de deur. Het weergalmen van mijn slagen is het antwoord. Dan, onverwacht, zwaait de deur open. Mijn vriend glimlacht en nodigt mij naar binnen. Ik stap over de drempel en alles verandert. Wij liggen, wij staan, wij zitten. Wij doen alles wat mensen gewoonlijk doen en toch is er iets ongewoons, iets feestelijks.
Brengen de stappen die je dagelijks zet je dichterbij waar je wezen wil? Volg je de verlangende klop van je hart? Dat is te zeggen: van je eigen hart, niet dat van een ander. Niet het hart van conventies en ideeën, maar het kloppende hart van vlees en bloed. Brengen de stappen die je zet je dichterbij je wezenlijke, oorspronkelijke, vrije zelf?
Ben je op weg naar ontvouwen, ontspruiten, openbloeien? Of weet je het antwoord niet?
Voel! Voel hoe het is om de volgende stap te zetten. Voel hoe het zou smaken om daar aan te komen. Voel wie er gelukkig wordt van jouw daden.
Je mag! Je mag, je moet, je zal. Je zal de ketenen afwerpen van de ideeën die je hebt over hoe het zou moeten zijn en je gaat het spoor volgen van je verlangen, het geurtje van God. Vanaf nu, enkel nog dat. Stap voor stap naar de bron, de fontein, de glorie, de glorie in mensengedaante. Je kwam voorbij als bij een oude vriend en kijk eens wat een present hij voor je had. Hoe levendig is je oude vriend. Kijk hoe zijn ogen glanzen. Wat is zijn geheim? Ik heb het je zojuist verteld. Iedereen weet het. iedereen is uitgenodigd. Niet in feestverpakking, maar gekleed in eigenheid, het zuiverste scheerwol van je eigen gedaante. Alleen deze. Minder niet.
Het Doorgangshuis September 29, 2008
Posted by ideeflux in : Droom en Werkelijkheid, Schilderijen, ++ , add a comment
Zij was aangekomen in een ander gebied van zichzelf. Ze kon niet vertellen hoe het gebeurd was, wat ze ervoor had moeten doen of laten, of wat haar had geholpen. Het enige dat ze ervan kon zeggen was dat ze op een ochtend simpelweg onder een andere hemel wakker was geworden, in een soort verbazingwekkende licht- en openheid. Alsof de grauwe deken die vijf jaar lang over haar heen gelegen had van haar was afgetrokken.
Moest ze nu spijt hebben van die vijf jaar?
Nee, natuurlijk niet. Spijt is de klauw van de grauwe deken in een laatste poging je terug te trekken in dat wat voorbij is. Ze lacht. Het gaat nergens over. Het gaat nergens naartoe. Ik ben oneindig licht. Ik heb mij door mijn angsten op laten eten en er is niets meer van me over dan een vrouw met overgewicht. Dat gewicht draag ik met sierlijkheid, met mijn eigen potsierlijkheid. Ik ben deze, ik ben eindelijk deze geworden. Ze zoent me op de mond, wij dansen, wij dansen en draaien, we verdwijnen en komen terug. Vanochtend in bed bedacht ik me: ik sloop het plafond uit mijn kamer en dat wat daarachter zit, schilder ik hemelsblauw.
Hoe ik bij Mezelf aan de Bel trok September 5, 2008
Posted by ideeflux in : Dialoog met Zelf, ++ , add a comment
Mij toch weer in deze positie gezet, klaar voor het… onverwachte.
Maar als zo vaak de laatste tijd: er komt niets. Zie je wel, denk ik, het gaat nergens meer over. Ik kan dikwijls zelf niet eens meer lezen wat ik zojuist geschreven heb, ik kan het niet ontcijferen, het komt op mij over als een soort verward gemompel, erudiete onverstaanbaarheid in gracieuze zinswendingen. Geen onderwerp, geen substantie. Kortom, de geluiden die een zwijn maakt als hij een lekker plekje gevonden heeft om in de modder te wroeten.
De deurbel gaat.
De Jehovas willen mij overtuigen van de letterlijkheid van Gods belofte. Ik geloof in die letterlijkheid, maar daar kunnen ze niks mee.
Onverdroten gaan ze door met aan te tonen dat dat wat zij bedoelen iets anders is dan wat ik bedoel. Het lijkt wel of het onverdragelijk voor ze is dat we het met elkaar eens zouden zijn. De ontoegankelijkheid van het paradijs verzinnebeeld op de drempel van mijn huis.
Ik stink er toch nog een beetje in. Ik probeer hen duidelijk te maken wat ik bedoel, of hoe wat ik bedoel in wezen hetzelfde is als dat wat zij bedoelen. Het gaat te lang duren. Ik ben van hetzelfde als zij. Niet van de overgave, maar van de overtuiging. Na mezelf tot in ijzingwekkende lengte gerekt te hebben, trek ik mij terug en zit weer hier, bij de geluiden van het zwijn.
Natuurlijk is deze gebeurtenis van betekenis, dat moet hij zijn, dat kan niet anders. Dit was een goddellijke interventie. Schrijver in spe hangt laptop aan de wilgen en God staat op de stoep. Hij mompelt iets onverstaanbaars. Ik mompel iets onverstaanbaars terug. Zal ik het opschrijven vraag ik als Hij op het punt staat bij de volgende deur aan te bellen.
Zie het als een dialoog met jezelf, jongen, als een dialoog met jeZelf, als een dialoog met mij, Mij. Weet je, misschien is het onverdragelijk voor je om het met jezelf eens te zijn. Misschien is volledige harmonie voor jou nog steeds onverdragelijk, maar dat is wel de plek waar je mij zult vinden.
Als ik me even later weer terugtrek in mijn hol laat ik de deur welbewust openstaan.
Hij mag elk moment komen binnenwaaien.
Ik ben altijd thuis.
Een Theemuts Zijn August 3, 2008
Posted by ideeflux in : Het Mompelen, ++ , add a comment
Er is eigenlijk niets te zeggen, u en ik weten dat, en toch… een paar woorden over niets, van niets naar niemand, van ongezegd en gezwegen naar ongehoord en onbegrepen.
Wie ben ik? Wie bent u?
Het niet weten van dat antwoord is het antwoord. Er is grote vriendelijkheid in dat niet-weten, in dat openlaten van alle opties.
Het leven nemen. Het leven nemen zoals het is. Mijn ouders nemen, mijn verleden nemen, dat wat pijnlijk was, ontroerend, schijnbaar niet genoeg of onbevredigend. Die mooie plaatsen op de aarde waar we waren terwijl we ruzie maakten, dat alles omvatten als een dikke theemuts, met ons enorme achterwerk over dat alles heen gaan zitten, dat uit broeden, dat samen laten smelten tot één geheel. Niets meer daarbuiten laten vallen. De pruimenbloesemboom vormen boven mijzelf, onszelf, de grote paraplu zijn voor alles wat er is.
Mijn gebrek speelt met mijn onvermogen, mijn verlangen, mijn angsten. Ik speel met jou in de ooghoek van ons bestaan. De naam die ik aan alles geef, daar gaat het om, de manier waarop ik alles een plaats geef in mezelf. Ik ben… zoveel goter dan ik ooit dacht te zijn, zoveel alomvattender.
Dag! Ik ga nu weer even weg van dit grote venster, van dit grote overzichtsraam, ik ga nu even weer spelen in mijn eigen kleinheid, mezelf verliezen in wie ik weet dat ik niet ben.
Tot later. Tot weer groter, wij beiden, jij en ik.
Exit July 29, 2008
Posted by ideeflux in : Het Mompelen, ++ , add a comment
Even kijken of dat wat ik denk en voel uit wil vloeien in woorden. Niet wegvloeien, maar zich verstevigend bestendigen, zich verankeren zonder kleiner te worden. Ik mag van geluk spreken dat ik deze keer wel luisterde naar de kleine stem: ‘je hoeft niet succesvol te zijn.’
Ik hing als een bokser in de touwen, als een vaatdoek op de rand van de emmer van mijn bestaan. Ik was zo moe. Ik voelde hoe de vermoeidheid uit mij wegdrupte terwijl tegelijkertijd de vermoeidheid weer werd aangevuld, een beetje zoals je meent te kunnen waarnemen hoe opgehoopt lichaamsvocht toestroomt naar de zich ledigende overvolle blaas.
Ook niet in dit, dit neerschrijvende. Ook niet succesvol in het zoeken naar mogelijkheden, in het realiseren van vrijheid, uitbundig leven, begrijpen, doorvoelen. In het leggen van contacten, in het vinden van de uitgang. In het niet-vinden van de uitgang.